–KANTELDECENNIUM1: Inleiding

Het Kantel Decennium 2020 – 2030

1. INLEIDINGI

Het is 11 september 2020. In de Verenigde Staten (VS) worden de aanslagen van nine-eleven  herdacht. Ik volg het nieuws op internationale zenders en mijn televisie lijkt ‘in brand te staan’. Felle aangestoken branden teisteren het Griekse eiland Lesbos, waardoor binnen een dag rond 13.000 asielzoekers hun schamele behuizingen veranderd zien in smeulende puinhopen. In vijf staten aan de westkust van de VS waaronder Californië, Oregon en Washington, woeden wekenlang hevige, door de sterke wind aangewakkerde  bosbranden. De materiele en immateriële schade is enorm. Het Wereld Natuur Fonds meldt die dag in het Jaarlijkse rapport over de staat van de aarde, dat wereldwijd het aantal dierpopulaties met twee derde is afgenomen. De Covid 19 pandemie (Corona) steekt na het opheffen van de lockdowns  weer de kop op en virologen spreken hun zorg uit over een mogelijke tweede besmettingsgolf (inmiddels een triest feit). De gouverneur van Californië verklaart in een reactie op de bosbranden, dat niemand de gevolgen van klimaatverandering nu nog kan ontkennen. ‘Kom maar naar Californië en aanschouw het met je eigen ogen’. Deskundigen, gevraagd naar een reactie over Lesbos, geven aan dat het vluchtelingenprobleem blijvend is en de mensheid daar de komende decennia maar rekening mee moet houden. Genoeg nieuwsellende voor 1 dag. Het overige nieuws  over geweld tegen en corruptie bij de politie, de Brexit soap, snel smeltend ijs en sneeuw  op Groenland en de nasleep van de vergiftiging van de Russische oppositieleider Alexej Navalny met het zenuwgif novitsjok, schuif ik maar door naar de volgende dag. Om mijn geest de nodige rust te geven, schakel ik over naar mijn favoriete muziekzender met gouden hits uit ‘betere tijden’ en las een moment van bezinning en zelfreflectie in. Morgen een nieuwe dag. Morgen weer een nieuwsgolf.

San Francisco: stad met een boeiend verleden

De dag erna houdt een foto van de stad San Francisco overdag, gedompeld in een dikke mist van as en rood oranje gekleurde rook, mijn gedachten vast. Het door media als apocalyptisch omschreven beeld, illustreert de ernst van de verwoestende bosbranden aan de Westkust van de VS. Het was in deze prachtige stad in Californië dat op 24 oktober 1945 de VN werd opgericht. De aanblik van de foto brengt mij in gedachten terug naar de hippie cultuur van de zestiger jaren. Die had haar oorsprong in het centrum van San Francisco, met als episch centrum het bekende aan het Golden Gate Park grenzende kruispunt Haight and Ashbury. De idealistische hippiebeweging verspreidde zich van daaruit razendsnel over de VS en Canada en andere werelddelen zoals Europa, Australië en Azië. In ons land werd de Dam in Amsterdam overgenomen door ‘Damslapers’ en ontstond in 1965 de op het anarchisme geïnspireerde Provobeweging, die het gezag uitdaagde. In juli 1966 vertrok ik als achttienjarige emigrant naar Canada en beleefde daar aan de Westkust, van Vancouver tot Los Angeles, fijne, vrije en betrekkelijk zorgeloze momenten. Voor een deel zijn die ervaringen bepalend geweest voor mijn toekomst, waarvan ik mij echter pas op latere leeftijd meer en meer bewust werd. Voor meer informatie verwijs ik naar een eerdere publicatie daarover op deze website https://www.jaapspaans.nl/trends-4-van-babyboomers-tot-millenials/ Vanwege de Vietnamoorlog heersten er vooral onder jongeren aversie en grote weerstand tegen oorlog, de wapenwedloop en overbewapening. Gevoelens en visies die muzikaal werden geuit in de muziek van een generatie protestzangers. Barry McGuire zong over The Eve of Destruction, Donovan over de universele soldaat, The Byrds en Pete Seeger in het aan de Bijbel ontleende lied ‘Turn Turn Turn (1) over het verlangen naar vrede. Bob Dylan en Boudewijn de Groot zongen over veranderende tijden. Ik ben ervan overtuigd, dat hun muzikale vruchten het ontstaan van de hippiecultuur en de slogan ‘Make love not war’ sterk hebben gestimuleerd. Het jaar 1968 beschouw ik als een kanteljaar.

De gulzige en verwende generatie

De idealen van de hippiebeweging liggen ruim een halve eeuw achter ons. Het flower power ideaal ‘Make love not war’, heeft helaas niet kunnen voorkomen dat er na Vietnam nog vele oorlogen volgden met miljoenen slachtoffers. Wie het nieuws volgt kan niet anders dan vaststellen, dat het anno nu op de wereld onrustiger en spannender lijkt dan ooit. De vaak hoog opgeleide, idealistische, soms elitaire en door de hippiecultuur beïnvloede generatie, veroverde vanaf de zeventiger jaren maatschappelijke posities in de top en het midden management van overheden, het bedrijfsleven, de wetenschap en andere sectoren. De idealen uit de hippietijd die zulke hoge verwachtingen wekten, zijn niet verwezenlijkt. Eenmaal aan zet vielen helaas velen, in navolging van voorgaande generaties ten prooi aan hebzucht, materialisme, machtswellust en ijdelheid. De babyboom generatie, waartoe ik voor de duidelijkheid zelf behoor, wordt ook wel aangeduid als de ‘gulzige en verwende generatie’. Ik begrijp die kritiek en onderken het falen. De vraag houdt velen bezig wat de toekomstperspectieven zijn voor de generatie die de babyboomers opvolgt, de millennials, geboren ruwweg tussen 1980 en 2000. Zij staan in dit decennium voor immense uitdagingen, maar helaas wordt dit onderwerp onvoldoende belicht. Deze generatie moet zich waar maken in een snel veranderende en verhardende wereld. Ruim vijf decennia na de roerige zestiger jaren stel ik en velen met mij vast, dat de hoop op een betere wereld die veel mensen stellen op wetenschap en ratio, niet los kan worden gezien van existentiële levensvragen over mentale aspecten als egoïsme, de oorsprong van het kwaad en gebrokenheid, ethiek, machtsdenken en geld- en hebzucht. Cruciale vraag voor mij is of de mensheid via ratio en wetenschap in staat is de vele problemen op te lossen of dat er een ingrijpen van Hogerhand noodzakelijk is? Laat ik voorop stellen dat ik groot respect heb voor de wetenschap en mij realiseer dat de mensheid er veel aan te danken heeft. Dat geldt ook voor mij persoonlijk. Maar de wetenschap kent ook haar beperkingen en een aantal dilemma’s beschrijf ik in deze digitale publicatie. Na mijn emigratieavontuur in Canada keerde ik in het najaar van 1968 terug in Holland. Er volgden turbulente jaren, waarin de levenslessen die ik in die periode had opgedaan naar de achtergrond verdwenen, om in een latere levensfase versterkt terug te komen. Hoe dat is gegaan beschrijf ik te zijner tijd in hoofdstuk 11. Ethiek en levensbeschouwing speelden daarbij een belangrijke rol.

Levensbeschouwing

Levensbeschouwing kan het (zelf)vertrouwen scheppen, dat je als mens nodig hebt voor je ontwikkeling. Je kunt er echter ook door uit het evenwicht raken vanwege de talrijke persoonlijke, maatschappelijke, theologische en ethische dilemma’s die erdoor kunnen worden opgeroepen. Wellicht zijn er geloofsgenoten die zo’n kanttekening niet op prijs stellen. Ik heb in mijn zoektocht door het leven en diverse kerken ervaren, dat het uiten van twijfel of kritiek niet overal wordt gewaardeerd en soms tot spanning en zelfs  uitsluiting kan leiden. Overigens geldt dat ook binnen seculiere netwerken zoals de politiek, media, bedrijven en wetenschap om maar enige voorbeelden te geven. Het is mensen eigen en dus iets van alle tijden. Mijn wortels liggen in Voorburg onder de rook van Den Haag. De plaats werd gesticht rond 770, maar daarvoor was het al een Romeinse nederzetting met de naam Forum Hadriani. Vandaar het standbeeld in die plaats van de Romeinse veldheer Corbulo. Zowel de grote wetenschapper uit de Gouden Eeuw Christiaan Huygens, zoon van Constantijn Huygens als de filosoof Baruch Spinoza hebben in Voorburg gewoond. Hun ervaringen als wetenschapper passen in de context van deze publicatie. Beiden waren voor die tijd op hun vakgebied briljante wetenschappers, die echter in hun leven hebben geworsteld met dilemma’s en zelfs existentiële crises, die voortvloeiden uit hun godsdienstige achtergrond. In een uitgebreide publicatie in het Historisch Nieuwsblad, wordt de geestelijke worsteling van Christiaan Huygens beschreven. Ondanks zijn zoektocht naar de basis van het christelijk geloof, kon hij niet geloven zonder een overtuigend bewijs van het bestaan van God. Hij geloofde niet in een Goddelijke openbaring, raakte depressief en kreeg ernstige lichamelijke klachten. Er is ook een bron die vermeldt dat hij mogelijk leed aan een bipolaire stoornis. In hoofdstuk 12 geef ik als christen mijn visie op het onderwerp ‘Goddelijke openbaring’ (2). Baruch Spinoza die in Voorburg werkte aan zijn belangrijke wijsgerige boek Ethica, samenwerkte met Huygens en voor hem zijn lenzen voor wetenschappelijk onderzoek sleep en polijstte, voerde een vergelijkbare geestelijke strijd. Vanwege zijn Schriftkritiek werd hij verbannen uit de synagoge. Zie ook mijn publicatie over Baruch Spinoza op deze website, waarin ik dieper inga op dit onderwerp en hem postuum een voor mij belangrijke vraag stel over hoe hij vanuit zijn ethische visie zou denken over de huidige samenleving, met name de situatie in het Midden-Oosten. https://www.jaapspaans.nl/postuum-vraag-aan-baruch-spinoza/Beide wetenschappers leefden in een tijd dat het christendom de Westerse samenleving domineerde en de invloed van de wetenschap nog gering was. (Foto Jaap Spaans. DE Kerkstraat in Voorburg waar Spinoza zou hebben gewoond). Dat is nu totaal anders. Aan het begin van het kanteldecennium leven we in een door de wetenschap gedomineerde, snel seculariserende samenleving. Er is in de Westerse wereld sprake van ontzuiling en kerkelijke leegloop en ik ervaar dat ook binnen de kerken steeds meer mensen een geestelijk spanningsveld  ervaren tussen geloof en wetenschap. Dat is ook niet verwonderlijk als je kennis neemt van de ontelbare wetenschappelijke ontwikkelingen op het gebied van geneeskunde en genetica, kennis en exploratie van het heelal, radiokoolstofdatering van geologische en paleontologische vondsten, digitalisering en moderne communicatiemiddelen als GPS. Hoewel ik het een moeilijk onderwerp vind, huldig ik het standpunt dat geloof en wetenschap elkaar niet uitsluiten, maar kunnen aanvullen. Het is overigens opmerkelijk dat de afname van religie niet of minder geldt voor andere delen van de wereld en dat zou de critici van religie aan het denken moeten zetten. Cijfers wijzen uit dat er op mondiaal niveau nog steeds een sterke groei is van het aantal gelovigen (alle geloven). Daaruit mag je concluderen dat er kennelijk een verband bestaat met welvaart en leefomstandigheden. Onderzoek leert tevens dat onder een groot deel van de bevolking in ons land nog waarde wordt gehecht aan inhoudelijke geloofsaspecten, zoals het bestaan van een leven na de dood en sociaalpsychologische functies van het geloof, waaronder het verschaffen van troost en zingeving. Onder druk van crises gaan mensen relativeren en dieper nadenken over leven in een maatschappij, waarin materiele factoren in belangrijke mate ons geluk bepalen. Corona zou dat proces kunnen beïnvloeden. Een enkele besmetting in China, kon in enkele maanden genadeloos toeslaan en leiden tot mondiale chaos. De economische gevolgen zijn amper te overzien, maar zullen nog lang doorwerken. De pandemie heeft de mensheid nadrukkelijk bepaald bij haar kwetsbaarheid. Overigens bezinnen niet alleen gelovigen zich daarop. Ook in seculiere kringen is toegenomen bezinning over onderwerpen als de ethiek van geldbesteding, versobering en het groeidenken. Ik hoop oprecht dat dit positivisme ook na de coronaperiode zal blijven. De ingrijpende gevolgen ervan, op langere termijn, zullen veel mensen aan het denken zetten en intensiever bij zingeving bepalen (3, pagina’s 34 en 35).

Internet heeft ons allen tot deskundige gepromoveerd

De enorme informatie overlast in onze moderne samenleving, maakt de situatie buitengewoon ingewikkeld. Een simpele klik van een zoekmachine kan iedere burger ‘promoveren’ tot theoloog, arts of andere deskundige. Niet zelden tot wanhoop van wetenschappers als artsen, theologen, therapeuten, economen en anderen. Daarbij wordt door deze professionals vaak vergeten, dat het wel een maatschappelijke realiteit is die haar oorsprong vindt in wetenschap en technologie. Dat we in bijzondere tijden leven lijdt geen twijfel. De mensheid bevindt zich op een kruispunt en de komende decennia zullen zich grote veranderingen voltrekken. Ik publiceer daar al ruim 30 jaar over, maar ervaar nu dat het zich toespitst. De samenleving is aan het kantelen, onder druk van de talrijke grensoverschrijdende, mondiale kernproblemen (core global risks), waarvan ik in de volgende hoofdstukken een aantal  belangrijke in hun onderlinge samenhang belicht. Die samenhang of context is cruciaal. Oorlogen kunnen een vluchtelingenprobleem versterken, wapenbezit is van invloed op de toename van zware criminaliteit, moderne technologie leidt ook tot excessen op sociale media en cybercriminaliteit, overconsumptie belast het milieu, de coronapandemie heef gevolgen voor de GGZ en andere sectoren van de zorg. Bij alle onderwerpen die ik belicht, kan er dan ook sprake zijn van ethische en levensbeschouwelijke dilemma’s en spanningsvelden tussen wetenschap en levensbeschouwing.  Nagenoeg alles op onze planeet voltrekt zich in een hoog tempo. Tegenstellingen en verharding nemen toe. Moderne media verschaffen veel burgers mondigheid en vrijheid van meningsuiting. Dat is positief, maar in combinatie met misbruik van sociale media kan het echter ook tot een giftige cocktail leiden, waarbij de grens tussen bijvoorbeeld nepnieuws, strafbare feiten, negatieve beïnvloeding en objectieve berichtgeving vervaagt. Ik heb inmiddels geleerd dat het grondrecht vrijheid van meningsuiting niet alleen wordt beperkt door de wet (Grondwet artikel 7 en Wetboek van Strafrecht artikel 261 e.v.), maar ook door een maatschappelijke dynamiek zoals de terreur van een aantal sociale media, stigmatisering, vooringenomenheid en uitsluiting door links en rechts, door progressief en door conservatief.

Volstrekte objectiviteit bestaat niet

De coronapandemie geselt op dit moment de mensheid. In veel landen waaronder Nederland verschillen medici, virologen en andere deskundigen al maanden van mening over de oorsprong van het virus en welke maatregelen noodzakelijk zijn om de situatie beheersbaar te houden. In talkshows worden oneindige discussies gevoerd over het nut van mondkapjes, de kwaliteit van de testcapaciteit, medicatie en vaccins. Dat is verwarrend. Oplossingen zullen volgens politici en deskundigen uit de wetenschap moeten komen, maar tegelijk waarschuwen gerenommeerde wetenschappers dat er nieuwe virussen zullen opduiken. Er is waarschijnlijk ook een verband met de mondiale kernproblemen waarover deze publicatie gaat, zoals de mogelijke relatie tussen pandemieën en milieu, overbevolking, massale mobiliteit en welvaart. Iets waar overigens al jaren voor wordt gewaarschuwd, onder andere door de WHO en het World Economic Forum, maar die alarmerende signalen zijn door de politiek noch individuele burgers goed ingeschat. Ondanks wetgeving die hiervoor werd ontwikkeld (4).

Ik onderbouw mijn visie met verwijzingen en bronnen. Daarbij realiseer ik mij dat alleen al de keuzes en selecties van bronnen voor een publicatie, plaats vinden vanuit een bepaalde vooronderstelling bij de schrijver. Dat is helaas onvermijdelijk. Volstrekte objectiviteit bestaat niet. Het immense informatie aanbod maakt het onmogelijk een beknopte publicatie als deze, vanuit alle invalshoeken objectief te belichten. Mijn onderbouwing is daarom niet meer dan een poging om mijn denkwijze uit te leggen en welke achtergronden en levensbeschouwelijke aspecten daarbij een rol spelen. Maatschappelijke, seculiere en religieuze visies vloeien voort uit kennis en ervaring en die worden weer beïnvloed door factoren als iemands geboorteplaats, opvoeding, karakter, netwerk, studie, werk, omgevingsfactoren en gebeurtenissen. In de hoofdstukken 11 en 12 beschrijf ik tot slot mijn levensloop in een notendop, waarin de belangrijkste persoonlijke aspecten en achtergronden zijn verwerkt en wat mij motiveert om christen te zijn. Eind 2021 hoop ik DV de publicatie af te ronden.

Foto: Wereldbol Jan Kok Nationale Beeldbank. Foto Jaap Spaans: Grote Kerk aan de Herenstraat/Kerkstraat waar Spinoza heeft gewoond en nog een rol zou hebben gespeeld bij de aanstelling van een dominee. Het is ook de kerk waar ik als kind ben gedoopt. Het Haagse etablissement ‘Fiorino’ aan de Herengracht was een van de trefpunten waar veel jongeren in die  tijd samen kwamen om te discussiëren en voor ontmoeting. Den Haag was ook een toonaangevende stad op muzikaal gebied met bands als The Motions, Golden Earring en The Sandy Coast. Foto Jaap Spaans: In de tijd van de protestsongs was de mondharmonica een populair instrument. 

Bronnen:

  1. Bijbelboek Prediker hoofdstuk 3 ‘Alles heeft zijn tijd’, vers 8 over vrede.
  2. ‘De geestelijke worsteling van Christiaan Huygens (1629-1695). Luuc Kooijmans in de rubriek Geloof of wetenschap van het Historisch Nieuwsblad, 4/2007. Website hofwijck.nl. Boek ‘Meesters van de Gouden Eeuw’. Hoofdstuk 9 over Christiaan Huygens. Dagblad van het Noorden, 17/10/2020 ‘Huygens was groter dan Newton’ door Hans van Zon.
  3. Christenen in Nederland. Kerkelijke deelname en christelijke gelovigheid‘. Rapport van het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP), december 2018. Persbericht van het SCP van 19 december 2018: ‘Aantal christenen neemt af, maar nieuwe groepen staan op’. https://www.jaapspaans.nl/trends-5-over-leegloop-van-kerken-en-behoefte-aan-zingeving/
  4. In 1998 werd  de Infectieziektenwet ingevoerd, die in 2008 verviel en sindsdien geïntegreerd is in de Wet publieke gezondheid (hoofdstuk 5 Infectieziektebestrijding). Veel overheden en andere organisaties hebben in het verleden protocollen en draaiboeken opgesteld, hoe moet worden gehandeld bij een pandemie. Ondanks die beleidsmatige voorzorgsmaatregelen, is de snelheid waarmee CoViD-19 om zich heen greep onderschat.