-536.112.000 HARTSLAGEN NA DE DIAGNOSE. HOE GAAT HET NU?

Ik was 55 jaar toen ik in 2002 voor mijns inziens geringe klachten een bezoek bracht aan de huisarts. Voor de zekerheid, want je weet maar nooit. Ik had af en toe last van kortademigheid, een drukkend gevoel op de borst en een algemeen opgejaagd gevoel. ‘Ik denk dat het oververmoeidheid is dokter’. Na mij te hebben onderzocht betwijfelde hij dat echter en vond dat er een elektrocardiogram (ECG) moest worden gemaakt. Al snel volgde een telefoontje van de huisarts. Er moest een inspanningsonderzoek volgen en de verwijsbrief lag al klaar. Bij de functieafdeling werd mij duidelijk gemaakt, dat dit alleen mogelijk was na verwijzing door een cardioloog. Aldus geschiedde en met lichte tegenzin bezocht ik de cardioloog en onderging de inspanningstest. De uitslag was duidelijk. Hoewel ‘de afgelegde fietsafstand’ gezien mijn leeftijd conditioneel prima was, bleek duidelijk dat ik een hartritmestoornis had (boezemfibrilleren). De ritmestoornis beïnvloedde de pompkracht van het hart en veroorzaakte een lichte vorm van hartfalen. Wat ik vreesde werd bewaarheid. De diagnose luidde een zorgtraject in dat voortduurt tot op de dag van vandaag, inclusief medicatie om het hartritme te reguleren en bloedverdunners. Vooral het gebruik van bloedverdunners riep weerstand bij mij op. De ratio won echter, nadat mij was uitgelegd dat deze hartritmestoornis zou kunnen leiden tot bloedstolsels met alle risico’s van dien zoals een herseninfarct. In mijn boekje ‘Hoe een hartritmestoornis mijn leven veranderde’ beschrijf ik de diagnose, de ingrijpende gevolgen ervan en hoe ik daarmee ben omgegaan. HoeHartritmestoornisLevenVeranderde

Pompkracht van het hart is verbeterd

Maar dat er ook bij chronisch boezemfibrilleren hoop kan zijn leert mijn ervaring. In 2002 was de pompkracht (ejectie fractie) van het hart 45%. Omdat 65% het maximum is, was er toen dus sprake van licht hartfalen volgens de cardioloog. Reden voor mij om keuzes te maken en prioriteiten te stellen. Daarbij kwam de nadruk te liggen bij een gezonde levenswijze met goede voeding, veel beweging en vermijden van piekstress. Maar hoe ga je om met problemen en prikkels vanuit de omgeving die piekstress kunnen opleveren? Die zijn vaak moeilijk te beheersen en dan komt het aan op coping gedrag (Engels voor omgaan met). In de jaren na de diagnose heb ik diverse malen gepubliceerd over mijn situatie. Zeventien jaar na de diagnose en ruim een half miljard hartslagen verder, is de tijd nu rijp voor een nieuwe evaluatie. Ik ben nu 71 jaar. Ik gebruik nog bloedverdunners, maar een deel van de medicatie is in overleg met de cardioloog afgebouwd. De pompkracht van mijn hart is verbeterd naar 55% en dat is acceptabel voor iemand van mijn leeftijd is mij verteld. Belangrijk want hartfalen kan leiden tot allerlei fysieke problemen, vanwege mindere doorbloeding van vitale organen. Maar ook de begeleiding speelt een rol. Mijn bijzondere dank gaat uit naar een hoogleraar van het UMCG te Groningen, die mij plaatste op rate control ook wel aangeduid als frequentiecontrole met een jaarlijkse controle. Het voordeel daarvan is dat er niet constant wordt geëxperimenteerd met nieuwe medicatie, want dat leidde in mijn situatie tot veel onrust en stress. De passende niet al te intensieve begeleiding en een verantwoorde levenswijze, maakten het voor mij mogelijk om redelijk in balans te blijven.

Berekening aantal hartslagen in 17 jaar uitgaande van gemiddeld 60 hartslagen per minuut:
Minuut: 60       Uur: 3600       Etmaal: 86400       Jaar: 31.536.000    x 17 = 536.112.000 ruim een half miljard

Verantwoord leven met een hartritmestoornis
Verantwoord leven betekent in mijn situatie het maken van goede keuzes bij datgene waarop je als mens invloed hebt zoals:

–Goede en gezonde voeding en voldoende beweging. Ik eet veel groente en fruit en ben matig met zout. Ik loop of fiets dagelijks een half uur en zwem eenmaal per week vroeg in de ochtend non stop 30 baantjes in het 25 meter bad.
–Ik mijd alcohol. Dat vind ik wel jammer, want van een glas rode of witte wijn in het weekeind kon ik genieten, maar juist daar heb ik last van.
–Vanuit de omgeving komen veel prikkels op je af, die niet altijd zijn te voorkomen. Ik heb wel geleerd er rustiger mee om te gaan. Dat blijft echter een heikel punt, waar het weleens mis gaat. Op die momenten is stresshantering belangrijk, vooral als het piekstress betreft. Goede communicatie met je omgeving is daarbij belangrijk, maar juist op stressvolle momenten kan er ‘ruis’ optreden.
–Ik tracht de informatie die ik opneem te doseren en dat is een hele opgave. Ik lees veel en houd het nieuws nauwgezet bij. Ook dat is echter een heikel punt, want veel situaties trek ik mij persoonlijk aan. Ooit zei iemand tegen mij: ‘Jaap, leef het leven en maak er wat van’ oftewel zoek een evenwicht tussen spanning en ontspanning. Als ik meer last heb van boezemfibrilleren, heeft dat in de regel met dit en het voorgaande onderwerp te maken en dat weegt zwaar, omdat juist die je slaap beïnvloeden. Ik benadruk dat de onrust die de huidige digitalisering veroorzaakt en de grote afhankelijkheid van beeldschermtechnologie, grote invloed heeft en mijn inziens in het algemeen te veel aspecten van het leven beïnvloedt. Ook is er onvoldoende bekend over houdingsproblemen, verslaving en de invloed van straling op de hersenfunctie en andere organen. Ik vind dat daar veel meer aandacht aan moet worden besteed.
Ik begin elke dag met bewegings- en ademhalingsoefeningen. Daarna bouw ik een moment in van stilte, meditatie, gebed en rust. Zo’n begin van de dag is heilzaam voor mijn hart dat zuurstof nodig heeft. Stresshantering in optima forma dus, waarbij ik mij realiseer dat ik bevoorrecht ben. Ik ben inmiddels al jaren met pensioen en geniet AOW. Stress van de werkvloer is er niet meer en ik hoef er niet vroeg uit om de autoruiten te krabben. Daarnaast speelt muziek een grotere rol in mijn leven dan voorheen. Luisteren naar muziek geeft rust en een stevige solo op mijn elektrische gitaar, die altijd staat ingeplugd, is voor mij een goede manier om emoties te kanaliseren.

Steeds vaker lees je dat boezemfibrilleren en hartfalen epidemische proporties aannemen. Ik geloof dat ook en denk dat dit onder andere te maken heeft met de vergrijzing, betere behandelingsmogelijkheden en de groeiende complexiteit van de samenleving. In combinatie met andere factoren zoals marktwerking in de zorg en nieuwe technologische mogelijkheden als telemonitoring, zal de zorg bij boezemfibrilleren naar verwachting ingrijpend veranderen.

 

 

Foto: Ben Stockphoto’s Nationale Beeld Bank (NBB)

Bronnen: zie het boekje Hoe een hartritmestoornis mijn leven veranderde onder de link in de tekst